De encyclopedie van het gevoel

Ongelezen boeken, elke rechtgeaarde lezer heeft er stapels van. Omdat je meer koopt dan je kan lezen. Omdat sommige boeken er gewoon zo mooi uitzien of lekker ruiken. Omdat een deel van het leesvoer steevast ergens in een hoekje vergeten wordt.

Maar dat heeft één groot voordeel. Je boekenkast gaat erdoor lijken op een slechts deels ontgonnen goudmijn. Je kan er af en toe eens in afdalen op zoek naar een vergeten schat.

Onlangs ontdekte ik zo’n schat. Het betreft een boek dat ik enkele jaren geleden had aangeschaft: “Humeuren en Temperamenten” van Gerrit Komrij. Het dateert al van 1989, maar de editie in mijn kast is van 2009. Het is een mooi boek, met harde kaft en een oogstrelende stofomslag. Maar wat mij nog het meeste aanspreekt, is de ondertitel: Een encyclopedie van het gevoel.

Ik heb een zwak voor encyclopedieën. Ik ben opgegroeid in de tijd dat zij nog niet totaal overbodig waren gemaakt door het internet en sites als Wikipedia. Bij ons thuis stond de grote Winkler Prins nog in de kast. Ik weet niet hoeveel prachtig ingebonden delen ervan, zo netjes op een rij. Majestueus zagen ze eruit. Het gaf me als hummeltje een buitengewoon plechtig gevoel om zo’n volume voorzichtig uit de kast te nemen en erin te bladeren. Zwaar dat dat woog. En die geur ook!

Later is mijn interesse voor de encyclopedie blijven hangen. Een soort bewondering ook, voor wie zoiets probeert te maken; wie zo’n futiele poging wil ondernemen om alles maar dan ook werkelijk alles in alfabetische volgorde in een boek gepropt te krijgen. De encyclopedie is een boekvorm die erg goed past bij aard van de mens past, omdat het staat voor een soort komische gooi naar het onbereikbare.

En vergis je niet: een encyclopedie draagt misschien een zweem van droge kost en wetenschap met zich mee, maar het lezen ervan is allesbehalve saai. Er zijn zelfs encyclopedieën die absolute must reads zijn. Die van Diderot en d’Alembert bijvoorbeeld, zowat de allereerste encyclopedie, boordevol opruiend gedachtengoed, maar ook afgeleiden zoals het filosofisch woordenboek van Voltaire dat allesbehalve een woordenboek is, maar eerder een grote kluis vol gerangschikte gedachten en inzichten in de mens.

Zo ook met Komrij’s encyclopedie van het gevoel. Nu ik het eindelijk aan het lezen ben, zoveel jaren na de aankoop, ben ik uitzonderlijk blij met de verloren schat die ik heb opgediept. In een negentigtal korte teksten van telkens enkele pagina’s wordt een hele rist aan emoties één voor één ontleed. En hoe! Veel scherper wordt het niet qua observatie van de mens.

Vaak is het confronterend, herkenbaar. Over het zichzelf aanstellen bijvoorbeeld, schrijft hij: “De aanstellerij lijkt voor de puber het enige cement tussen zijn besef nog niets te betekenen en zijn té luide schreeuw naar alles”.

Soms is het grappig: “Hebzucht is een verfoeilijke eigenschap – in een ander. Zelf kan ik niet zonder”

Of wat gemeen: “Afgunst en domheid, dat armetierig paar krukken waarop men zo menigeen van geboorte naar dood ziet strompelen.”

En uit de beschrijving die bij het begrip liefde staat, onthoud ik vooral dit: “De test voor ware liefde is de vraag of je de gedachte kunt verdragen de teennagels van je beminde te knippen.”

Nee, encyclopedieën zijn ook vandaag niet overbodig. Ze zijn een ondergewaardeerde boekenvorm, die wat mij betreft gerust nieuw leven ingeblazen mag worden.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s